Gedicht van 17.1.2021: De winter staat stil van Gerrit Kouwenaar

Dit is een gedicht uit Totaal witte kamer van Gerrit Kouwenaar, de bundel die zijn definitieve canonisatie inluidde. In 2002, alweer achttien jaar geleden. Kouwenaar is inmiddels dood en ik weet niet of zijn gedichten nog ruim gelezen worden – ze zijn in elk geval de moeite waard. Soms. Ik heb onderstaand gedicht eens heel precies gelezen en het viel me niet mee. Continue reading

Gedicht van 16.1.2021: Lucht van Martijn Teerlinck

Toen ik naar Praag verhuisde, nam ik één dichtbundel mee. Ademgebed van Martijn Teerlinck, de Jotie T’Hooft van begin begin deze eeuw. Ik heb de bundel vaak doorgebladerd, en elke keer dacht ik dan aan de enige keer dat ik Teerlinck in het echt zag en hoorde. Tijdens zijn voordracht leek het of hij zichzelf transformeerde tot een vlinder of een libelle, zijn armen werden vleugels die op en neer bewogen, soms snel, soms langzaam; een sloom ogend iemand, zoekend naar ruimte of beweging. Continue reading

persbericht: WEBLOG DE NIEUWE CONTRABAS BREIDT UIT MET EIGEN LITERAIRE PODCAST

Eind januari start De Nieuwe Contrabas met een eigen literaire podcast. Scherp. Onafhankelijk. Onredelijk. Gemaakt uit liefde voor de literatuur. De presentatoren zijn Chrétien Breukers, die zich afficheert als een ‘elitaire Limburger’, en Hans van Willigenburg, die kan leven met de titel ‘zomaar een Zuid-Hollander’. Continue reading

Gedicht van 10.1.2021: Januari van Folgóre da San Gimignano

Ergens in het begin van de veertiende eeuw schreef een dichter van wie we bijna niets weten een twaalftal gedichten bij de maanden, twaalf kalenderbladen. De gedichten zijn in onze literatuur terechtgekomen en er nog steeds niet uit verdwenen; de vertaling hieronder is van Frans van Dooren. Af en toe duikt er eens een liefhebber van zijn werk op, zoals Leen Huet, die in 2011 over zijn werk blogde. Hij heette Folgóre da San Gimignano. Continue reading

Gedicht van 9.1.2021: Onrust van Jacob Israël de Haan

Geen gelul, meteen tot de kern. Vier regels, twee rijmklanken. Dat is ‘Onrust’, het beroemde kwatrijn van Jacob Israël de Haan. Ik heb altijd moeite met die twee rijmklanken, waardoor ik ‘Amsterdam, Amsterdam’ dreig uit te spreken of lezen als ‘Emsterdem, Emsterdem’. Het kwatrijn stribbelt door de verwarrende wisseling van -em en -am tegen. Waar is de dichter eigenlijk, in Jeruzalem of Amsterdam? Het spel van klanken is de echo van de verwarring die De Haan ervoer in zijn eigen leven. Waar was hij eigenlijk?

Continue reading

Volmaakte sculpturen van zichzelf: Tommy Wieringa en Barack Obama

Sinds ik in staat ben om Tommy Wieringa elke week tot me te nemen, via mijn abonnement op NRC/Handelsblad, kent mijn obsessie voor zijn proza geen grenzen (meer). Tommy is… ja, wat is Tommy eigenlijk? Volmaakt is hij in elk geval wel, een zuivere schim in een vervuilde schepping, een blinkend standbeeld midden op het marktplein waar wij, verstofte wereldburgers, rondtasten in de middaghitte. Continue reading

I.M. en Media Inside – goed of niet goed?

I.M.: ik heb de vier afleveringen bekeken en het viel me mee. Dat wil zeggen: het viel me mee als ik steeds in mijn achterhoofd hield hoe het in de jaren negentig was. Hoe Ischa Meijer in het echt klonk, hoe Connie Palmen er in het echt uitzag. Als ik de beelden oplaadde met mijn herinneringen, was het een fijne serie. Mijn serie. Verder was het helaas erg ruk. Ramsey Nasr is een goede acteur, maar aan Meijer vertilde hij zich; en hopelijk is de echte Connie Palmen in staat tot meer dan beaat glimlachen. Continue reading

Gedicht van 3.1.2021: Avond van Koenraad Goudeseune

Koenraad Goudeseune is inmiddels dood. Zijn laatste weken deed hij wat hij altijd deed: hij publiceerde op Facebook. Het waren nieuwe gedichten, laatste gedichten — hij liet het zelfbeklag (een signature dish) vallen en wat hij schreef werd harder, minder opgelegd-sentimenteel. Waar hij eerst af en toe raak schoot in een serie lossere flodders, kregen zijn gedichten de geslotenheid van een pantser, juist omdat hij zijn dekking liet zakken. Er was niets meer om zich achter te verbergen of zich boos over te maken. Continue reading