- vanaf 11 juni 2020 -

Categorie: Blog (Pagina 1 van 16)

Zinnen tot en met 21 november 2021

Goedemorgen.

Ik maakte iets met spinazie.

‘Zijn grootmoeder die we altijd saai, streng en oud hadden gevonden, had in haar dagboek geschreven: ‘‘Hij is de enige man met wie ik compleet ben. Het is niet erg te sterven, maar het is erg op te houden met liefhebben. Nu zal ik de rest van mijn leven alleen nog maar de helft zijn.’’ Ze citeerde uit een sonnet van Michelangelo: ‘‘Nel vostro fiato son le mie parole – in jouw adem wordt mijn woord gevormd.’’’

All-you-can-eat betekent dus echt: all you can eat.

Lees verder

Week 35

De liefde moet van twee kanten komen. Het leven ook.

‘De eerste keer dat trilobieten in het sediment verschijnen definieert de basis van het Atdabanien, ongeveer halverwege het Onder-Cambrium (521 miljoen jaar geleden).’

De jonge man die voor de deur van de supermarkt staat te kijken op zijn telefoon. Er vormt zich een rij. Niemand die iets zegt of doet. We wachten tot hij klaar is met naar zijn telefoon kijken.

Een app van iemand die in een hotel op me ligt te wachten. Lees verder

Week 34

‘De kleurrijke omslag van de nieuwste bundel van Willem Thies Mijn zoon hij zegt is gemaakt door de elfjarige zoon van de dichter.’

Nieuwe bundel wordt nieuwste bundel. Nieuwste bundel wordt waarschijnlijk recente of, beter, meest recente bundel.

nu komen ook de kooien van de poëzie
weer open voor het gedierte van miró
een vlo een lekkerkerker en een julikever
raken met hun tentakels in de taal

Het dichterschap zal binnenkort te beleven zijn in een sociale werkplaats.

Hopelijk heeft de buschauffeur geen corona, maar gewoon longkanker of zo. Lees verder

Addendum: Introductie; een Turkse man die een hap van mijn macaroni nam

Het is introductie in Nijmegen. Overal groepjes jongeren – de eerste dagen dacht ik steeds, waar gaan al die kinderen toch heen, en toen pas viel het kwartje. Het is dan ook 38 jaar geleden dat ik zelf introductie had. Twee lange, lange weken, waarna ik met de trein terugreisde naar mijn ouderlijk huis, om bij te eten en de was te doen. Ter hoogte van Venlo vroeg een man die tegenover me zat: ‘Heb je soms gevochten?’ Lees verder

Week 33

Ik denk aan de schrijver die niet kon schrijven. Toen hij drie boeken vol had geschreven, zakte hij als een cactus die te veel water heeft gekregen in elkaar.

Ik denk aan de vrouw van de schrijver die niet kon schrijven. We zaten in de bus naar Denemarken, begin jaren negentig. We waren verliefd op elkaar zonder het door te hebben. Ik had het in elk geval niet door.

De schrijver die niet kon schrijven (en niet meer schrijft) was min of meer bevriend – voor zover die schrijver met iemand bevriend kon of kan zijn – met iemand die ik op televisie aan het bekijken ben.

‘Wat vind jij daar nou van, Janine?’ Lees verder

Vestdijks meesterschap begint waar de taal nog geen taal is

Simon Vestdijk is een groot schrijver, vinden de mensen die van Vestdijk houden. Nu ik samen met Rob van Essen romans van Vestdijk bespreek voor de DNC podcast, kan ik dat van harte bevestigen. Simon Vestdijk is een groot schrijver. Soms beginnen zijn boeken een beetje stroef, dat moet gezegd. Is hij eenmaal op gang, meestal na een bladzijde of 10, 20, dan krijgen het vertel- en schrijfplezier de overhand en kun als lezer gelukzalig achterover zakken in de leesstoel. Lees verder

Christian Oster: Drie mannen en een stoel

Na twee boeken over een man en een tas (De trein en Mijn grote appartement) brengt uitgeverij Vleugels een derde boek van de Fransman Christian Oster, in een fraaie vertaling van Kiki Coumans: Drie mannen en een stoel. De boeken van Oster zijn, voor zover ik het nu kan overzien, ik ken alleen deze drie titels, op een onspectaculaire manier spannend. Niet omdat er heel veel in gebeurt, maar omdat de gebeurtenissen zich voortdurend aan lijken te kondigen, zonder echt te gebeuren. De hoofdpersonen van Oster hebben allerlei plannen en voornemens. Daar komt meestal niks van terecht, al gaat dit niet-gebeuren wel gepaard met enerverende bijna-gebeurtenissen. Lees verder

Een literaire prijs voor een NSB’er – Niet mekkeren, maar procederen

Astrid Roemer krijgt de Prijs der Nederlandse Letteren 2021 voor haar literaire oeuvre. Nu de uitreiking door de Belgische koning nadert, is het tijd voor ophef. En rumoer. Aanleiding: Roemer neemt het in uitspraken op voor voormalig Surinaams legerleider Desi Bouterse, veroordeeld voor medeplichtigheid aan de Decembermoorden. Het Comité Herdenking Slachtoffers neemt het niet en vraagt de Taalunie, het gremium dat de Prijs faciliteert, ‘openlijk stelling te nemen tegen de anti-democratische en anti-rechtsstatelijke uitlatingen” van Roemer.’ Op NOS.nl staat samengevat hoe een en ander in elkaar zit. Lees verder

« Oudere berichten

© 2021 De Nieuwe Contrabas

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑