De Nieuwe Contrabas

- vanaf 11 juni 2020 -

Pagina 2 van 17

012 – De Nieuwe Contrabas podcast – De NRC-criticus

Dat gevleugelde meningen en literaire critici anno 2021 niet automatisch twee handen op een buik zijn, bewijst het grote interview met NRC-recensent Thomas de Veen. Daarnaast las Hans eindelijk Het perenlied van Joost Oomen, volgens velen hét literaire debuut van 2020 en tipt Chrétien het kleine, maar o zo fijne oeuvre van de mysterieus gebleven Tip Marugg. Fans van ‘De Tommy’ komen óók weer aan hun trekken. Luister, like & abonneer.

011 – De Nieuwe Contrabas podcast – Brussels surrealisme

Als de EU landen dichter bij elkaar brengt, merken we daar in de literatuur weinig van: zo is de wereldberoemde, Brusselse schrijver Amélie Nothomb hier nagenoeg onbekend. Hoogste tijd voor een gesprek met haar vertaler Marijke Arijs. Verder zijn er fijne boekentips, leest Hans voor uit het werk van de Rotterdamse dichter Frans Vogel en fileert hij samen met Chrétien De fundamenten van Ramsey Nasr, een ernstige overdenking over planeet en cultuur die de winkel uitvliegt.

010 – De Nieuwe Contrabas podcast – Vertellen op z’n Russisch

Hans en Chrétien proberen te achterhalen waarom hun hartje zo verwachtingsvol klopt voor ‘de Russen’, mede naar aanleiding van Leven en lot van Vasili Grossman en de nieuwste parel uit het oosten, De wereld is niet stuk te krijgen van Maxim Osipov. Verder leest Hans voor uit het acrobatische proza van Gust Gils en tipt hij Gemeente zegt ik Nederlands leren van Saïd El Haji. Tot slot een gesprek over Charles Baudelaire met vertaler Kiki Coumans vanwege de verschijning van het Privé Domein-deel met de prachttitel Mijn hoofd is een zieke vulkaan.

Addendum 9: Een goed boek, of niet?

Ik lees een boek. Een roman. Een debuut. Is het ‘goed’ of ‘slecht’? Of iets ertussenin? Ik weet het niet. Het lukt me niet om een oordeel te vellen, tijdens het lezen. Voor het eerst in mijn leven heb ik het gevoel dat ik te oud ben om iets te vinden tijdens mijn lectuur. Of juist te jong. Wat me wel lukt: de kale, ruwe stijl bewonderen. Ja, met die inzet wil ik ook schrijven. Misschien is inzet een betere graadmeter dan stijl? Of gaan inzet en stijl hand in hand? Ben ik te mild geworden? Ben ik mijn oordeelsvermogen kwijt, tout court? Waar komt dat tout court ineens vandaan? Waarom gebruikte ik ‘’ in de vierde zin van dit stukje? Wat te doen? Het boek uitlezen.

Addendum 8: Simon Vestdijks vijftigste sterfdag

Tijdens het uitpakken van mijn boeken kom ik erachter dat ik best veel van Vestdijk heb. Als je de manier waarop mijn bibliotheek de laatste tien jaar heeft gezworven in ogenschouw neemt: een redelijke prestatie. De redding van Fré BolderheyMeneer Visser’s hellevaartDe koperen tuin – alle titels maken de lust tot herlezen wakker. Vestijks oeuvre is geen gebergte, het is een park waarin je rond kunt lopen, en soms moet je even klimmen. Tijdens de wandeling val je van de ene verbazing in de andere. Zó goed geschreven. Zó goed verteld. Inzicht. Stijl. Gevoeligheid. Hij dreigt vergeten te worden, zegt men, maar ik ken best veel mensen die af en toe een boek van Vestdijk lezen. Ligt dat aan mijn bubbel of valt het met dat vergeten-zijn wel mee? Voor de mensen die nog niet into Vestdijk zijn: kleine Uil herdrukte Een alpenroman. Lezen. En kopen.

009 – De Nieuwe Contrabas podcast – De stoïcijnse uitgever

In twee jaar acht romans van de Oostenrijkse meester Thomas Bernhard op de Nederlandse markt brengen – wie doet dat? Antwoord: Marc Vleugels van Uitgeverij Vleugels. Verhelderend gesprek met de stoïcijnse uitgever. Verder snuffelen Hans en Chrétien uitvoerig aan het debuut Het water vangen van Lies Gallez, leest Hans voor uit de roman Geluk als het geluk ver te zoeken is van Wilhelm Genazino en trekt Marika Keblusek ons het universum van de in Nederland onbekende Astrid Rosenfeld binnen. Als klap op de vuurpijl breekt in de rubriek ‘Tommy’ oorlog uit.

Addendum 7: Jean Nelissen

Met een vriend die op bezoek is, praat ik over Jean Nelissen. Ooit was Nelissen God in Limburg en omstreken. Hij schreef, elke dag, over sport en over van alles en nog wat. Hij woonde in een kasteel. Een ouderwetse journalist was hij, iemand die niet per se feiten nodig had om een goed verhaal te typen. Typen, ja. Op een typemachine. We herinneren ons, allebei Limburgers, de sensatie die ons overviel in 1980, na de opgave van Bernhard Hinault in de Tour de France. Het nieuws was al bekend, maar de achtergronden ontbraken. Die werden de volgende ochtend verstrekt in De Limburger. Nelissen had zijn diner onderbroken toen hij over de opgave hoorde, spoedde zich naar de hotelkamer waar hij verbleef en schreef daar een voorpagina-artikel. Mijn vriend en ik wisten na het lezen daarvan alles. En Joop Zoetemelk won de Tour de France.

Addendum 6: Astrid H. Roemer

Van Astrid H. Roemer heb ik één boek gelezen, omdat ik dat ooit van iemand kreeg voor mijn verjaardag. Het is een novelle, Waarom zou je huilen mijn lieve, lieve… Een aardig verhaal, met een bitter einde. Ik ga dat einde niet verklappen, dat doet Wikipedia al. Verder is het oeuvre van Astrid H. Roemer een blinde vlek in mijn leesleven. Gisteren schaamde ik me daar plotseling voor, alsof ik al die jaren tekort heb geschoten. Nu krijgt ze, na de P.C. Hooftprijs de Prijs der Nederlandse Letteren. Hoger kan een auteur in Nederland niet stijgen. Het eerste gemor is al hoorbaar: betreft het hier een bekroning van een oeuvre of van een afkomst? Zelfs voor dat gemor schaam ik me. Ik vraag me af of die schaamte gerechtvaardigd is, of dat ik me de leeswet dreig te laten voorschrijven om van het almaar aanzwellende getetter van de inclusiviteitslieverds af te zijn. Hoe dan ook, ik ga een paar boeken van Astrid H. Roemer lezen. Ik wel.

Addendum 5: B. Zwaals vervloekte boeren

Foto © Koos Hageraats

Bij de bekendmaking van de exit polls deze week dacht ik: ‘vervloekte boeren, hun hoeden staan scheef, hun humeuren / hangen er half onderuit.’ Misschien is het een idee om deze regels op een servet af te drukken en dat servet te verspreiden in het restaurant van de Tweede Kamer. Ze zijn van B. Zwaal, een Nederlandse dichter. Een onbekende dichter die veel bekender zou moeten zijn. Het Nederlandse taalgebied wemelt ervan, van dichters die meer aandacht verdienen en al jaren op schemerstand in de marge staan. Ik sla zijn tweede bundel bos in ’t rot open en lees:

in de rede van nergens loopt
sneeuw
de scheur van het hart stroomt vol
schreden

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2021 De Nieuwe Contrabas

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑